Categorie archief: Beeldende Kunst

Dixie in retrospect

Het is inmiddels 5 maanden geleden dat we terug zijn gekomen van ons onderzoek naar Southern Gothic in de Southern States van de Verenigde Staten. De voorbereidingen voor de tentoonstelling over Southern Gothic die we in 1646 gaan maken komende september zijn in volle gang. Dit is de laatste blogpost die specifiek over onze reis gaat. Hierin geven we een overzicht van de zaken uit mythisch Dixie die ons het meest zijn bijgebleven. Na deze post zullen we deze blog gebruiken om verschillende zaken rondom de tentoonstelling te bespreken. Denk daarbij aan zaken zoals de achtergrond van Southern Gothic, de waarde die de Gotieke methodiek op dit moment voor de Nederlandse samenleving kan hebben, uiteraard ook informatie over alle betrokken kunstenaars, instellingen, schrijvers en muzikanten en updates rondom de Kudzu plant die de Hortus Botanicus speciaal voor ons aan het kweken is.

Cultuur en het leven
Als je naar een gebied gaat waar bijna alle er enigszins toedoende muzikale stromingen van de afgelopen 150 jaar vandaan komen, mag je verwachten dat daar iets van te merken valt. En dat is ook zo. De Southern States zijn in cultureel opzicht het rijkste gebied van de Verenigde Staten. Dat werkt echter wel heel anders dan in Europa. Waar cultuur voor Europeanen iets is waar je naar toe gaat, is het voor de Southerners iets wat je doet, en waarmee je je bewust in een bepaalde traditie plaatst.

De echte cultuur van Dixie vind je niet in een concertzaal of museum, maar in huiskamers en achtertuinen. Dat maakt het voor toeristen een lastig gebied: je moet tenslotte wel een beetje moeite doen om in iemand’s huiskamer te geraken. Cultuur is iets wat men voor zichzelf doet, niet voor toeristen. Cultuur is eigenlijk net zoiets als een hamburger eten: leuk om te doen met anderen die ook lekker in een burgertje happen, maar niet het moment om te worden aangegaapt door toeristen die wel eens willen zien of je dat ding zonder knoeien naar binnen krijgt.

Armoede
We hadden zeker verwacht armoede tegen te komen, maar zo schrijnend als we het in Alabama zagen schoktte ons. In een notendop komt het er op neer dat de gebieden waar het racisme het hardnekkigst was na de afschaffing van de Jim Crow wetten leeg liepen. Met name de blanke, rijke bevolking trok naar plaatsen waar het overgrote deel van de bevolking wit was (plaatsen waar de blanke bevolking tijdens Jim Crow de slavernij min of meer voortzette door middel van sharecropping waren vaak meer dan 50% zwart). Niet alleen onttrokken ze zo het kapitaal uit grote gebieden, ook nam de werkgelegenheid sterk af doordat boeren en bedrijven verhuisden. De arme, slecht opgeleide, zwarte bevolking bleef achter. Ook waren ze vrijwel allemaal werkloos geworden, en was er ook geen uitzicht op nieuwe werkgelegenheid. De 4e generatie groeit nu op deze manier op, en naast hun materiële armoede is geestelijke armoede ook een probleem. Het onderwijs aldaar behoort tot het slechtste dat de Verenigde Staten te bieden hebben, en door de totale uitzichtloosheid van hun situatie komen deze mensen mentaal gebroken over. Veel meer dan t.v. kijken in hun trailer lijken ze niet te doen.

Landschap
De mate waarin het landschap van Dixie de afgelopen 100 jaar is veranderd is schrikbarend. Eigenlijk begon dat nog langer geleden: de ‘Deep South’ was ooit gewoon een stuk oerwoud. Tot de boeren al het land ontgonnen en er plantages op aanlegden. De laatste 100 jaar heeft de zware industrie een grote stempel of het landschap van Dixie gedrukt. Dat begon met het aanleggen van stuwmeren in het zuidelijke stuk van de Appalachen in Tennessee en North Carolina. Hele volksstammen werden gedwongen te verhuizen, en de bestaande infrastructuur was in één klap onbruikbaar. Iets later kwam in datzelfde gebied de mijnbouw op gang. Er werd met name steenkool gevonden. Een veel snellere manier om een berg van haar steenkool te ontdoen dan door diepe tunnels te graven, is de hele berg opblazen zodat de kolenader bloot komt te liggen. Dit proces wordt ‘Strip mining‘ genoemd, en verandert de (zuidelijke) Appalachen in rap tempo van ’s werelds langste gebergte tot een kale, op een maanlandschap gelijkende vlakte vol opgespoten en onnatuurlijk groen gras. De enige bergen die er over 50 jaar waarschijnlijk nog staan, zijn degenen die de stuwmeren en sludge ponds omringen.

Dan hebben we uiteraard de Kudzu, de ‘plant that ate the South’. Geïmporteerd vanwege zijn kwaliteiten om erosie tegen te gaan, groeit het nu overal. Als de plant niet in toom wordt gehouden door elke dag bijsnoeien, groeit ze binnen no-time over wegen, huizen en over voor langere tijd geparkeerde auto’s. Uiteraard groeit er niets anders meer op de plekken waar de Kudzu groeit, en is het een van de beste voorbeelden van de schade die een uitheemse soort kan aanrichten binnen een bepaald ecosysteem. De plant zorgt wel voor spectaculaire ‘creaties’ in het landschap wanneer zij bijvoorbeeld over een stel bomen heen groeit.

Ten slotte is er nog de kust aan de Golf van Mexico. Hoewel de olie-industrie bekend staat als vervuiler (er doen zich bijvoorbeeld vele malen vaker olierampen en rampjes voor dan wat de industrie naar buiten brengt volgens de lokale vissers), is de monding van de Mississippi waarschijnlijk een groter probleem. Van nature brengt deze enorme rivier een grote hoeveelheid zand en blubber met zich mee, dat rond de monding settelt en zo nieuw land aanmaakt. Dit nieuwe land bestaat uit ‘Wetlands‘, een groot gebied van brak moeras waar bepaalde grassoorten en Cipressen groeien. Deze zeer brede strook nieuw land dient als buffer voor bijvoorbeeld orkanen. Zodra een orkaan land raakt neemt zij namelijk aanzienlijk in kracht af. Ook zijn dit van oudsher gebieden waar de Cajun wonen. Dit zand en blubber is uiteraard totaal niet handig voor grote zeeschepen, en dus zijn er twee hele lullige stenen muren aangelegd om te zorgen dat het door de rivier meegevoerde zand zich niet kan vastzetten, en de rivier bevaarbaar blijft. Dit zorgt er zowel voor dat de machtige Mississippi een van de meest lullige mondingen heeft die we ooit gezien hebben (hieronder op een foto van kunstenares Michel Varisco). Ook verdwijnen de wetlands doordat het zand niet terug kan vloeien naar het land maar recht de zee in stroomt. Door het gemis van een natuurlijke afremming, zijn de orkanen een stuk krachtiger zodra ze bij New Orleans aankomen.

Cuisine
Een van de eerste dingen die ons opviel toen we in een supermarkt stonden was de totaal andere prijsverhouding tussen vlees en groente en fruit. Waar je in Nederland goedkoper uit bent als vegetariër, en waar je toch zeker 3 appels kunt kopen voor de prijs van 1 hamburger, is dat in Dixie precies omgedraaid. Het goedkoopste eten krijg je bij de fastfood-ketens, en dat is dus ook waar je gaat eten als je arm bent. De documentaire Food Inc geeft inzicht in de manier waarop dit soort praktijken door subsidies en private investeringsmaatschappijen mogelijk gemaakt worden. Ook de invloed van mega-supermarkten als Walmart is heel goed te merken in de kleine oude dorpjes van Dixie. De oude dorpskernen zijn leeg en verlaten. Soms zit er nog een eettentje, maar de winkels zijn bijna allemaal failliet. Ook de meeste huizen staan leeg.

Een paar minuten buiten zo’n dorpje vind je meestal een aantal trailer-parken. Dat is het nieuwe, centrumloze, dorp. Nog weer wat verderop staat een grote Walmart, geflankeerd door wat fastfood ketens. Hier doen mensen hun boodschappen vanuit alle omliggende dorpen. Het is een soort meta-centrum. Op de parkeerplaats ontmoeten mensen elkaar, en maken ze een praatje.
Als je veel langs de weg moeten eten – zoals wij dat moesten – heb je weinig andere keuze dan gefrituurd vlees of vis. Ze frituren werkelijk alles, en menige roadside eettent heeft een bordje aan de muur met de spreuk: ‘If it ain’t fried, it ain’t cooked‘. In steden zelf heb je uiteraard meer en vooral ook gezondere keuzes. Wij zijn vooral gecharmeerd van de barbecue. Het komt er eigenlijk op neer dat de rest van de wereld wel de hele tijd het woord ‘barbecue’ gebruikt, maar dat ze hier eigenlijk ‘grillen’ mee bedoelen. Barbecue is een proces van meerdere dagen, lage temperaturen, veel rook en een apparaat wat de tijden van de stoomketel doet herleven.

Terug in Nederland vallen de overeenkomsten nog het meest op: cultuur wordt de huiskamer in bezuinigt, ons landschap lijkt in de verste verte niet meer op wat het 200 jaar geleden was, het niveau van het onderwijs daalt, bepaalde delen van het land dreigen in spooksteden te veranderen, latent racisme is weer terug van weggeweest, en ook wij frituren er lustig op los. Wellicht zou het goed zijn voor deze regering om een bezoek te brengen aan een staat als Alabama. Hopelijk concluderen ze dan dat binnen hun taak als ‘verdeler van het schaarse goed’ Joie de Vivre ook een schaars goed is. En dan kunnen ze meteen de snackbar-lobby meenemen om eens te gaan praten over dat barbecuen.

De tentoonstelling ‘That what the modern era has gained in civility, it has lost in poetic inspiration‘, zal op zaterdag 3 september open gaan in 1646, Den Haag. Deze tentoonstelling is samengesteld door Maaike Gouwenberg & Joris Lindhout naar aanleiding van hun onderzoek naar Southern Gothic. De titel verwijst naar een zin uit de inleiding van ‘The castle of Otranto‘, geschreven door Richard Hurd. The castle of Otranto word gezien als het eerste Gotieke boek, en Hurd is een van de eerste aanhangers van dit zeer invloedrijke genre.

Zine 4: Southern Gothic #4

Het vierde en laatse zine is zojuist uit de Xerox gerold. Dit nummer is volledig samengesteld uit werk van kunstenaars die we tijdens onze reis hebben ontmoet. Met bijdragen van:

Brad Benischek & Anne Gisleson

Stephen Collier
Victor Faccinto
Susan Gisleson
Dave Greber
Greg Antrim Kelly
Erik Kiesewetter
Derek Mullins
Elisabeth Shannon

Download Southern Gothic #4 (pdf, 2mb)

Zine 3: Southern Gothic #3

Het derde zine is af! #3 is geheel samengesteld door ons (Maaike Gouwenberg en Joris Lindhout), en beschouwt het archetypische beeld van Dixie zoals neergezet door de Amerikaanse filmindustrie.

Download Southern Gothic #3 (pdf, 5mb)

Het nieuwe Berlijn

Alhoewel het trauma van orkaan Katrina in New Orleans nog goed voelbaar is (locals spreken over pre- en post-Katrina en in before- of after the storm termen over New Orleans), bestaat er geen twijfel over dat de stad weer leeft. Dat komt niet zozeer door dat er in de rijke buurten geen spoor meer van de storm te vinden is, in de arme buurten meer en meer mensen terug keren of dat de sporen van Katrina nu in tour-vorm als entertainment voor toeristen worden aangeboden. De levendigheid in de stad is met name te danken aan de bewoners van NOLA zelf.

Na de storm zijn er door verschillende organisaties een legio aan heropbouw-projecten gestart. Hoewel de giften en inzet van de meeste van deze organisaties er toe hebben geleid dat mensen hun huis weer konden opbouwen (het bekendste project is waarschijnlijk dat van Brad Pitt), had lang niet iedereen zoveel zin om terug te komen. Naast dat de meeste mensen een jaar of langer in een andere stad hadden gewoond – en dus al weer een nieuw leven waren begonnen – voelden velen zich ook in de steek gelaten door de (lokale) overheid. De schrale betonnen muurtjes die gebruikt worden (!) als bescherming tegen het water zijn veel te zwak voor heftige stormen als Katrina, en de overheid weet dit. Met andere woorden: waarom zou je terug gaan naar een plek waarvan nu al vaststaat dat er zich weer eenzelfde grote ramp zal voordoen (en je dus weer alles kwijt zult raken)?

Het antwoord is: cultuur. Was er voor Katrina al veel cultuur (met name in de vorm van muziek), na Katrina beleefde de stad een ware renaissance. Niet alleen werden al heel snel na de storm de eerste 2nd lines weer georganiseerd, uit het hele land trokken jonge mensen naar New Orleans om te helpen de stad weer op te bouwen. Dit waren vooral muzikanten, beeldend kunstenaars, curatoren, filmmakers en andere creative geesten. Met name de lage prijzen van woningen en land zorgden er voor dat deze mensen konden blijven, en verder konden gaan met het produceren van cultuur.

New Orleans lijkt het nieuwe Berlijn. Er is weinig werk en veel feest. Je kunt hier iedere dag van de week uitgaan. Het lijkt wel of iedereen op de een of andere manier cultureel actief is in de stad. Vaak binnen de muziek, maar net zo goed in de snel opkomende filmindustrie, als schrijver of in de beeldende kunst. Kunstenaars trekken naar de voormalige ghetto’s waar oorspronkelijke bewoners hun kans schoon zien en allerhande culturele initiatieven opzetten en daarmee de buurt aantrekkelijk maken. Met Prospect heeft de stad haar eigen internationale biennale. Mensen verkiezen de fiets boven de auto. Zelfs bij je portie bbq krijg je een goed smakende groene salade geserveerd (een unicum in Dixie). En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

New Orleans heeft twee nadelen die Berlijn niet heeft: het ligt erg geïsoleerd en de kans dat de boel weer flink overstroomt in de toekomst is extreem groot. Wellicht dat een flinke toestroom van internationale cultuurmakers de stad uiteindelijk in economische waarde kan doen stijgen. Misschien dat zoiets de overheid kan overtuigen de ‘levees‘ daadwerkelijk bestand te maken tegen een categorie 5 orkaan. Hoewel enigzins sci-fi, zou het toch een briljant Amerikaans antwoord zijn op de huidige culturele bezuinigingszin in Europa.

Als je ooit in New Orleans bent, bezoek dan zeker deze plekken:
Trouser House
Good Children Gallery
Press Street
The Front
L9
Constance
Antenna Gallery
Beth’s Books
House of Dance Feathers
Spellcaster Lodge

Geef de gek de ruimte

Naast de wereldberoemde folk-artist Howard Finster bestaan er in Dixie vele tuinen waarin de door God geroepen eigenaar autodidactisch aan de slag gaat met verf, mortel en al het grof vuil wat hij (meestal is het een man) kan krijgen. Waarschijnlijk is de combinatie van dure zorg, goedkope grond, een tropisch klimaat en een onaflatende stroom grof vuil een vruchtbare bodem voor de meest fantastische en bizarre installaties.

Hierbij een klein fotoverslag van alle even bijzondere als bizarre achtertuin-installaties die we tegen zijn gekomen.

Floyd Banks, Greenback, Tennessee:

Howard Finster, Summerville, Georgia:

Kenny Hill, Chauvin, Louisiana:

Onbekend, ergens langs de weg in Louisiana:

Pasaquan, Buena Vista, Georgia:

Reverend H.D Dennis, Vicksburg, Mississippi:

Zine 2: Southern Gothic, the neatest little paper ever read

Afgelopen weekend hebben we het tweede zine gepubliceerd. Dit maal hoofdzakelijk samengesteld uit werk van kunstenaars die we tijdens onze reis hebben ontmoet. Met bijdragen van:

Sarah Boyce
Warren Craghead
Bart Mallard
Greely Myatt & Julie Ann Wright
Paul Thomas
Victor Vaughn

En uiteraard ook het een en ander van onze hand.

Download Southern Gothic, the neatest little paper ever read (pdf, 5mb)

Roadkill

Al rijdend door de Southern States, over grote en kleine wegen, worden we dagelijks geconfronteerd met Roadkill. Possum, gordeldier, wildzwijn, vogel of hert zien we in delen en diverse stadia van ontbinding aan het wegdek geplakt of naast de kant van de weg geslingerd liggen. Wanneer je buizerds op de weg ziet zitten, weet je dat het dier niet lang geleden probeerde over te steken. De kans om een dier aan te rijden neemt in de herfst toe door de paartijd en ook schijnt de maanstand invloed te hebben op de drang van de dieren de straat op te gaan.

Roadkill, flat meats in de volksmond, inspireert velen. Een schone of afstandelijke vorm is het maken van grappen, de zogenaamde roadkill humor, roadkill bingo en het gebruikmaken van het beeldmateriaal voor kunst. Ook zijn er kunstenaars die de roadkill zelf direct verwerken in objecten. En als het een jager al een jaar niet is gelukt een hert te schieten is het natuurlijk altijd mogelijk om een gewei van een roadkill hert te stelen en deze als trofee aan de muur te hangen. Uiteindelijk komt roadkill het beste tot haar recht in de keuken. Het is niet in iedere staat toegestaan om roadkill mee naar huis te nemen en te verwerken maar er zijn heel wat kookboeken waaruit blijkt dat roadkill een geliefd ingrediënt is voor diverse roadkill gerechten. In West Virginia is het wel legaal om roadkill mee naar huis te nemen, wat heeft geleid tot de jaarlijkse Roadkill Cook Off, een uitgebreid festival met gerechten als Pothole Possum Stew, Friscasseed Wabbit Gumbo, Terryaki Marinated Bear en Deer Sausage.

roadkill2

roadkill3

Het schijnt zo te zijn dat in de zomer, wanneer het asfalt heerlijk heet is aan het einde van de dag, de possums zich erg aangetrokken voelen om lekker op de warme weg te gaan liggen. Vaak eindigt dit in een dodelijke slaap. Het bijzondere in Dixie, en met name in North Carolina, is dat dit gebruik is overgenomen door de mens, wat veelal leidt tot zogenaamde ‘lying in the road deaths’.

Hal Crowther vertelt in zijn boek ‘Cathedrals of Kudzu‘ vol fascinerende essays over de South, dat ‘lying in the road deaths’  met name voorkomen in de landelijke gebieden op twee baans wegen. De slachtoffers zijn 90% man en verschrikkelijk dronken, in veel gevallen comateus. De jaarlijkse hittegolf waarbij alles oververhit raakt en de wegen zo heet worden dat je er niet met blote voeten op kunt lopen en dunne schoenzolen aan het teer blijven plakken, is het seizoen om ‘snachts op de warme weg te gaan liggen. Te dronken om überhaupt nog rationeel na te kunnen denken zwalkt de drinker over de weg. Door de hoge hoeveelheid alcohol in zijn bloed zakt de lichaamstemperatuur en registreert de drinker alleen de weg onder zijn voeten als lekker warm en heel aantrekkelijk. Zodra hij zich overgeeft aan deze warmte en zich vooroverbuigt is het te laat en valt hij buiten bewustzijn op de straat. Eigenlijk doet hij net als de possums, die door de wetenschap als een van de dieren met de laagste intelligentie worden beschouwd. Volgens Dr. Harris, die dit allemaal jarenlang heeft onderzocht, lijkt het wel of de alcohol de evolutie in volle gas achteruit gezet heeft.

Gelukkig lijkt het drinken van moonshine uit de mode en is de grote hitte gedurende onze reis uitgebleven. De possums die we hier en daar zien liggen waren waarschijnlijk niet goed genoeg in het inschatten van de snelheid van de truck voordat zij de run naar de overkant waagden. De grote hoeveelheid platte wasberen blijft echter een mysterie.

Zine 1, Southern Gothic: Them Mountains

Onze reis vormt een zoektocht naar het fenomeen Southern Gothic. Gezien de duur van de reis (3 maanden) publiceren we regelmatig een zine om onze vondsten te kunnen samenvatten. Vorige week hebben we het eerste zine gepubliceerd.

Download Southern Gothic: Them Mountains (pdf, 7mb)

The Nerve Museum

In het plaatsje Winston-Salem in North Carolina woont kunst criticus Tom Patterson in zijn The Nerve Museum. De collectie van het museum bestaat uit tientallen objecten, schilderijen, tekeningen en foto’s waarvan de meeste in de categorie ‘Folk Art‘ vallen. Patterson maakte naam met het boek Howard Finster, Stranger from Another World: Man of Visions Now on This Earth, wat nu een soort van collectors-item is geworden. Sindsdien geldt hij als een autoriteit op het gebied van Folk- en Outsider Art.
Naast criticus is Patterson ook curator. Zo cureerde hij de tentoonstelling High on Life voor het American Visionary Art Museum in Baltimore. De collectie van The Nerve Museum is grotendeels ontstaan uit werken gedoneerd door kunstenaars waarmee hij in de afgelopen dertig jaar werkte.
De naam van het museum is bedacht door Patterson’s broer. Deze had het huis al tot museum omgedoopt gezien zelfs de inloopkasten verdacht veel gelijkenis met museumzalen vertonen. Het huis raakte zo vol dat de broer bij elke beweging bang was iets om te stoten, wat hem op z’n zenuwen begon te werken. Et voilá: The Nerve Museum.

The Nerve Museum vind je niet terug in de Lonely Planet of een andere toeristen gids. Om hier een kijkje te kunnen nemen moet je een afspraak maken met Patterson zelf.

Howard Finster the Folk Artist from Another Planet

In de nazomerse hitte van Georgia rijden we over binnenwegen naar het gehucht Pennville, net buiten Summerville. Een klein, onopvallend bordje wijst ons de weg naar ‘Paradise Gardens’. Tussen de zuidelijke simpele huizen en de trailers mét veranda schittert het dak van Howard Finster’s World Folk Art Chapel. Andy Wilson opent de deur en leidt ons via de trailer van zijn wereldberoemde grootvader naar het Paradijs.

Howard Finster (1916 – 2001) was een man met een missie; Gods woord de wereld inbrengen. Ook was hij een man met visioenen. Op zijn derde kreeg Howard zijn eerste visioen: zijn overleden zusje kwam uit de wolken naar beneden en vertelde hem dat hij nog vele visioenen zou krijgen in zijn leven. Vanaf zijn 16e preekte Howard voor verschillende kerken en ook reisde hij naar afgelegen plekken met zijn eigen ‘tent revivals’ – de voorloper van de mega kerk. Naast prediker was hij loodgieter, fietsenmaker en elektriciën. Hij was ongeschoold en zag zichzelf als de afgezant van God die op verschillende manieren Zijn boodschap aan de mensen overdroeg.

In 1941 start Howard in zijn achtertuin The Garden for Inventions of Mankind, waarin hij alle uitvindingen van de mens wilde verzamelen. Al snel werd deze tuin te klein en zocht hij naar een nieuwe plek. Deze vond hij een dorp verder, in Pennville, Georgia. In Pennville bezat Howard 7 hectare zompige grond waar hij verschillende gebouwen neerzette. Op een dag in 1976 tijdens het schilderen van een van de gebouwen, daalde er een hemelse rust op Howard neer en in de druppel verf op zijn vinger verscheen een gezicht. Een stem droeg hem op ‘sacrale kunst’ te gaan schilderen. Howard antwoordde dat hij niet kon schilderen omdat hij geen opleiding had genoten. Toch luisterde hij naar de stem, nam een dollarbiljet uit zijn broekzak en plakte dit met verf op een stuk triplex. Dit portret van George Washington, van jongs af aan zijn grote held, was zijn eerste sacrale schilderij. In de laatste twintig jaar van zijn leven stak Howard Finster al zijn energie in het maken van sacrale kunst. Hij stelde zich ten doel om 5.000 schilderijen te maken maar bij zijn dood in 2001 had hij meer dan 48.000 werken gemaakt. Altijd met een Bijbelse boodschap maar vanuit een simpele houding en met alledaagse iconen en referenties die iedereen kan begrijpen. Hij schuwde niets en gebruikte alles waar hij van hield om zijn boodschap te verduidelijken. In zijn paradijs vind je zowel Elvis, Coca-Cola, George Washington als Cadillacs terug.

Al vanaf het moment dat we de tuin instapten daalde de magie van deze plek op ons neer. Niet de heilige boodschap die Howard zijn hele leven in volle overgave predikte, maar het aura van de talloze uitingen van zogenaamde folk art, de bijzondere gebouwen en oude ondergetekende auto’s waarmee dit paradijs volstaat. De paden zijn gemaakt van mozaïek: stukjes glas, spiegeltjes, knikkers, vorken, cola flesjes, een verdwaalde oorbel en hier en daar een foto. De gebouwen zien eruit alsof ze allemaal zijn gemaakt uit een combinatie van triplex en blik. De Folk Art Chapel is een gebouw met vijf verdiepingen dat op een grote ouderwetse draaimolen lijkt en schittert in de zon. Het lijkt wel of Howard met een grote schaar het hele gebouw uit een blikken bouwplaat heeft geknipt. Aan alle randen van de daken hangen kleine stukjes blik die het geheel nog fragieler doen voorkomen. In een hoekje van de kapel is een nis met de gedenksteen van de grote meester.

De tuin staat vol met bouwsels, installaties van beton, een struik met wieldoppen, hopen gegoten gezichten, een schoen van 2,5 meter lang met een bijbeltekst, verschillende muren met mozaïeken en een betonnen paardje op de uitkijk. Achterin schittert een spiegelhuisje op poten, omwonden met klimop. Overal staan bordjes die de bezoeker van het paradijs letterlijk en figuurlijk op het rechte pad houden. We komen bijna niet vooruit zoveel is er te zien. Bij elke stap die je zet verschijnt er iets nieuws. En toen onze ogen moe waren en we alles gezien dachten te hebben, vonden we een ingang van een van de huizen waar de wanden helemaal volhangen met kunst gemaakt door aanbidders van Howard. Uiteindelijk rusten we voldaan en vol van nieuwe energie uit in de muziek kapel waar de muren beschreven zijn met heilige teksten en een hele grote Coca Cola fles de aandacht opeist.

Deze overweldigende tuin geeft zoveel inspiratie dat het niet verwonderlijk is dat Howard Finster in 1984 de Amerikaanse trots was op de biënnale van Venetië en op dit moment een grote overzichten tentoonstelling heeft in Chicago.

Paradise Gardens is het folk art paradijs en lijkt, net als zijn maker van een andere wereld. Zoals hij zelf op twee schilderijen schreef: “I am Howard Finster a stranger from another world. My father and my mother, my sisters and brothers, my wife, my children, my grandchildren have really never figured me out for my kingdom is not of this world. Only my Father in Heaven knows me on this planet and that’s why I have been strong and happy. When my work is finished I will go back to my other world.”

Meer quotes van Howard Finster